De organen en hun meridianen

De meridianen omvatten een onzichtbaar netwerk dat alle organen met elkaar verbindt en hun energie, ofwel ki, verspreidt door het hele lichaam.

Er zijn 12 hoofdmeridianen. Én er is een net van energiebanen die dieper in het lichaam gelegen is en die weer ontelbare verbindingen met elkaar hebben. Wij gaan ons bezig houden met de 12 hoofdmeridianen.

De ki die door de meridianen stroomt, komt tot ons uit drie basisbronnen:

Oorspronkelijk ki ofwel bron ki: deze komt van onze ouders, onze genetische erfenis en onze basisconstitutie.

Graan-ki is de ki die we door ons voedsel binnenkrijgen.

Lucht-ki wordt verkregen door onze ademhaling.

Deze drie vormen tezamen dus onze totale ki-kwaliteit. Energie kwaliteit.

Deze hoofdmeridianen zijn gekoppeld aan de gelijknamige organen: long, dikke darm, maag, milt, hart, dunne darm, blaas, nieren, galblaas, lever. Samen voeren deze organen alle lichaamsfuncties uit zoals: spijsvertering, ademhaling, vorming van nieuwe cellen, spierbewegingen enz.    

Dan is er nog een ‘paar apart’: hartbeschermer en drievoudig verwarmer. Niet gekoppeld aan een orgaan maar wel heel belangrijk in het hele systeem.

De meridianen verspreiden dus de energie van de organen door het lichaam. Wanneer organen of hun meridianen niet goed functioneren, doen zich ziekte verschijnselen voor. Als de energie in een meridiaan niet goed kan stromen kan dit een ziekteverschijnsel verzorgen in het bijbehorende orgaan. Maar andersom natuurlijk ook: als het orgaan niet goed functioneert kan het de bijbehorende meridiaan beïnvloeden.

Zo kan een stoornis in de maag bijvoorbeeld kiespijn in het  bovengebit veroorzaken omdat zijn meridiaan daar door het tandvlees loopt.

Hoofdpijn aan beide zijden van het hoofd kan op een stoornis in de galblaas duiden; in de meridiaan en/of het orgaan zelf.

Oprispingen kunnen op een bepaald soort onevenwichtigheid van de maag duiden, waarbij de maag haar ki niet kan laten zakken, zodat het in de keel stijgt in plaats van daalt.

In de Chinese geneeskunde bedoelt men met organen iets anders dan de anatomische tegenhangers bij ons in het westen.  In de Chinese geneeskunde vormen ze een omschrijving van bepaalde energiecentra en specifieke functies die hun oorsprong vinden in deze centra, maar beschrijven, op enkele gevallen na, niet de gezondheid en de functie van hun verwante anatomische organen.

We kunnen de Chinese wijze van kijken naar organen gemakkelijker onthouden als we deze benoemen als ‘dubbelganger’ of  ‘de schaduw’ van de westerse organen. Ze bestaan naast elkaar, veranderen dikwijls als reactie op elkaar, maar hebben verschillende en zelfstandige functies.

Bijvoorbeeld: een onevenwichtigheid in de Chinese Milt of Lever komt hoogstwaarschijnlijk niet overeen met een medisch probleem in de westerse milt of lever.

Voor het gemak duid  ik de Chinese organen met een hoofdletter aan. Zo weet je dat we het over de schaduw organen hebben en niet over de westerse fysieke organen.